De ins en outs van de ontwikkeling van de vleeskuikensector

2016, 31 juli

3 minuten lezen

Corstian 1Op 23 februari kondigde GMV aan dat Corstian Prosman, als Wageningen UR masterstudent, voor FME onderzoek ging doen naar innovatie in de vleeskuikensector. Dit onderzoek is inmiddels afgerond en de resultaten zijn beschikbaar. Corstian heeft ongeveer 20 mensen uit de vleeskuikensector geïnterviewd, van onderzoekers tot brancheorganisaties en van technologiebedrijven tot beleidsmakers. Hierdoor is er een algemeen beeld ontstaan van de issues die in deze sector spelen en wat de belangrijkste belemmeringen daarin zijn voor innovaties. De resultaten zijn in het rapport onderverdeeld in drie dimensies: (1) een duidelijke richtinggeving van ontwikkeling, (2) aanwezigheid van dynamiek in de sector en (3) facilitering door passende structuren van funding en kennisontwikkeling.

Richtinggeving (1): Een van de issues die natuurlijk veel speelt is die van dierenwelzijn. Volgens de respondenten is de aandacht voor dierenwelzijn eenzijdig en zijn er meerdere zaken die van belang zijn voor een gezonde sectorontwikkeling. Voorbeelden hiervan zijn (voeder-)efficiëntie, energiegebruik en andere duurzaamheidsaspecten. Een meer gebalanceerde en op feiten gebaseerde vertegenwoordiging van de issues zou volgens het rapport leiden tot betere besluitvorming en een duidelijker handelingsperspectief. In specifieke zin gaat het dan over discussies die gevoerd zouden worden op emotioneel vlak, terwijl onafhankelijke feiten niet aanwezig zijn of genegeerd worden door bepaalde partijen. Een gebalanceerde vertegenwoordiging van belangen is essentieel voor het voortbestaan van een in de pluimveewereld vooraanstaande technologische sector in Nederland.

Dynamiek (2): Er wordt in het rapport gerefereerd aan de noodzaak van bedrijven om extern georiënteerd te zijn; samenwerking en cross-overs leiden vaak tot de grootste stappen. Dit wordt ook gedreven door de noodzaak om met een integrale en ketenbrede oplossing te komen voor een bepaalde uitdaging. Hierin moet ook steeds meer rekening worden gehouden met negatieve productie externaliteiten, zoals die voor het milieu/de omgeving. Door de aanzienlijke graad van gespecialiseerde bedrijven worden connecties en netwerken van verschillende bedrijven en organisaties daarin steeds belangrijker. Gezien de noodzaak voor integrale oplossingen gaat de noodzaak voor connecties en netwerken verder dan alleen binnen de sector.

Facilitering (3): De uitkomst van een bepaald innovatietraject is vaak onduidelijk, wat vraagt om risicodragend kapitaal. Subsidies zijn hier niet altijd geschikt voor. Daarnaast wordt de aansluiting van MKB-bedrijven bij het topsectorenprogramma als lastig gezien, waardoor deze bedrijven vaak op zoek moeten naar alternatieve financiering. Financiering van publiek-private onderzoeksprojecten wordt verder bemoeilijkt door een verschil in onderzoeksagenda’s van publieke en private sector, wat mogelijk veroorzaakt wordt door de eerder genoemde zaken (ad 1). Daarnaast wordt ruimte in regelgeving en toezicht voor experimenteren als belangrijk gezien voor de ontwikkeling van nieuwe technologieën.

Op woensdag 3 augustus om 9:00 uur zal Corstian Prosman zijn onderzoek presenteren en verdedigen. De locatie is Wageningen UR, gebouw ‘Leeuwenborch’, C84 (Hollandseweg 1 in Wageningen) en iedereen is welkom.

Het complete rapport staat rechtsboven aan deze pagina.

Meer nieuws

Tijdens de internationale conferentie ‘Data Driven Agrifood Future’ hebben diverse regionale, landelijke en internationale partijen de eerste stap gezet naar een wereldwijde samenwerking en een alliantie op het gebied van een data gedreven Agrifoodsector. Een initiatief van de provincie Noord-Brabant, samen met AgriFood Capital, FME, gemeente 's-Hertogenbosch en JADS-TU/e.

Lees verder

Een machine volledig installeren op afstand? Geen probleem! GMV-lid Kiremko is het gelukt om een nieuwe frietlijn met behulp van augmented reality opgestart te krijgen bij een klant in Marokko.

Lees verder
Leden
Nieuws

29/10/2020

2 minuten lezen

Klimaatplannen voor de levensmiddelenindustrie gepubliceerd

Donderdag 22 oktober zijn de Koplopersprogramma’s van de zes industriële clusters in ontvangst genomen door minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat. In deze programma’s presenteren de clusters hun plannen om de uitstoot van broeikasgassen te verlagen. Binnen het zesde cluster zijn ook de plannen van de levensmiddelenindustrie opgenomen die naar 2030 toe 1,6 Mton CO2 moeten besparen. Techniek speelt daarin een belangrijke rol.

Lees verder